“De Verdwijning”

In Kroegverhalen, Stadse Zaken by Zander Lamme

Door Zander Lamme

,,Het was de hoogste tijd om even uit m’n stad te verdwijnen”, sprak Satte tegen zijn vriend Olivier. ,,Ik kon het mentaal niet meer aan.” De twee jongemannen liepen door de straten van Franeker. Het was zondag en de eerste twee kroegen die ze wilden bezoeken waren gesloten. ,,Jaja, zeker”, antwoordde Olivier. Het was de derde keer dat zijn maat begon over ‘verdwijnen’ uit ‘zijn stad’ en hij had het nu al voldoende gehoord.

Satte had de laatste weken veel aan zijn hoofd. En in zulke periodes uitte hij zich altijd op dezelfde manier: barhangen, een beetje gokken en met name het vermijden van moeilijke gedachtes. Een briljante ingeving wist die sleur te doorbreken. Hij bezocht zijn al jarenlange vriend in het kleine stadje. Op die manier hoopte hij in elk geval de gokautomaat en de kroegen te ontlopen.

Toch was de drang groot, ook bij Olivier, en om die reden liep het tweetal deze zondagavond zoekend door de stad. ,,Verdomme”, riep Olivier. ,,Ik haat het dat hier altijd alles dicht is.” Ze waren inmiddels bij de derde dichte deur aanbeland. ,,Misschien kunnen we naar de Advocaat.”

De wandeling ging verder. ,,Ik ben zo blij dat ik even niet thuis ben”, begon Satte weer. ,,Jaja, zeker”, antwoordde Olivier opnieuw. ,,Echt jongen, geestelijk werd het me te veel.”
,,Moet je die gevel zien”, zei Olivier in een poging het gezanik in de kiem te smoren. ,,Het is helemaal nat. Ik weet wel hoe dat komt.” Hij wees naar boven. ,,Geen dakgoot. Zonde.”
,,Het is wel een mooi huis.”
,,Dit is pas een mooi huis.” Olivier knikte met zijn hoofd naar een huis verderop. ,,Daar heeft dat wijf van Rembrandt gewoond.”
,,Echt?”
,,Ja, echt, anders zou ik het toch niet zeggen. Wist je dat in Leiden een studentenhuis is, waar de bewoners een bordje op de gevel hebben gehangen. ‘Dit is het geboortehuis van Rembrandt van Rijn’, staat erop. Maar die is in een heel ander huis geboren.”

Satte moest lachen. ,,Dat ga ik ook doen. Maar dan luidt de tekst: ‘Hier sneed Vincent van Gogh zijn oor af’.
Nu moest Oliver lachen. Ze sloegen linksaf en passeerden het vierde café dat die avond dicht was. ,,Jezus, man, waarom is alles dicht vandaag? Het is pas tien uur.”
,,In mijn stad is bijna alles rond dit tijdstip nog open.”
,,Jaja, maar daar zijn we nu niet. Sterker nog: daar wil jij nu helemaal niet zijn.”
,,Dat is waar.”

Ze sloegen nog een keer linksaf en zagen een Heineken-bord aan de gevel hangen. Een kleine vrolijkheid ontsproot aan het gezicht van het duo. Eindelijk hadden ze een bar bereikt. ,,Yes! Het is open”, schreeuwde Olivier het uit, toen ze dichterbij kwamen. ,,Er zijn zelfs mensen”, merkte Satte overbodig op, toen ze binnenkwamen. Aan een van de tafels zat een groepje van vijf man te kaarten. Welk spel ze speelden, was onduidelijk. Achter een glazenwand speelden nog eens vijf man een potje biljart, of pool, de mannen namen de moeite niet dat nader te inspecteren. Ze namen plaats aan de bar en Olivier bestelde twee bier. Satte pakte ondertussen een briefje van vijf uit zijn kontzak.

,,Dat is dan €4,40”, zei de barvrouw, nadat ze de biertjes had neergezet. Ze keek lichtelijk hoopvol naar het briefje waar Satte de kreukels uitstreek. ,,Mag ik wisselen voor munten?”, vroeg hij, terwijl hij het briefje overhandigde. ,,Euh, ja, tuurlijk”, en ze wisselde het geld.
,,Wat ga jij met die munten doen?”, vroeg Olivier.
,,We gaan even een gokje wagen in die automaat daar. Ik merk dat ik psychisch niet helemaal afstand kan nemen van mijn gedrag in mijn stadje.”
,,Jaja”, verzuchtte Olivier.


Leeuwarder Zander Lamme schrijft in het dagelijks leven voor de Telegraaf als verslaggever van wat er zoal gebeurt in provincie Friesland. Voor MNSKP houdt hij het wat dichter bij huis: een serie kroegverhalen uit het uitgaansleven in Leeuwarden. Op stap met Lou, Satte en Forse Jongen.