‘Heimwee nei Hurdegaryp’

In Interviews, Theater by Marit de Weerd

Door Marit de Weerd

De ‘zoete pijn’ van herinneringen en terugverlangen naar de geborgenheid van je kindertijd: hier gaat de voorstelling ‘Heimwee nei Hurdegaryp’ van Tryater over. De voorstelling werd in 2013 een hit op Oerol en toert nu opnieuw door Friesland. Op 16 en 17 maart is ‘Heimwee naar Hurdergaryp’ te zien in Stadsschouwburg de Harmonie. Marit ging in gesprek met regisseur Tatiana Pratley (30), die onder andere ‘It Famke en de Twiveler‘ en ‘De Meeuw‘ van Tsjechov regisseerde, over deze bijzondere voorstelling.

[Tatiana Pratley, foto: Maurits Giessen]

Tatiana-Pratley-c-Maurits-Giessen

Hoe is het idee voor ‘Heimwee nei Hurdegaryp’ ontstaan?

”Ik ben opgegroeid in Friesland, in Hurdegaryp. Toen ik ging studeren ben ik verhuisd naar Groningen en later naar Amsterdam waar ik aan de toneelschool de regieopleiding volgde. Op een gegeven moment merkte ik dat hoe verder ik bij mijn ‘thuis’ in Friesland vandaan was, hoe meer ik die plek kon missen. In het laatste jaar van de regieopleiding liep ik stage in München. Toen ik op een avond alleen thuis was, zocht ik op Google Maps de weg van mijn ouderlijk huis naar mijn basisschool in Hurdegaryp op. Met Streetview kon ik zien dat alles bijna precies hetzelfde was gebleven als vroeger. Ik vond het waanzinnig dat ik op die manier even terug kon gaan in de tijd.
Maar terwijl ik daar mee bezig was dacht ik ook: ‘dit is echt heel raar, waarom doe ik dit?’

Uiteindelijk kwam ik er op uit dat het een soort heimwee was, niet naar een plek op zich, maar naar ‘vroeger’. Naar het opgroeien en de overzichtelijkheid en de veiligheid die je kunt ervaren als je nog kind bent. De wereld is dan nog zo klein, er valt nog zoveel te ontdekken. Alles ligt open. Toen ik later een voorstelling voor Tryater ging maken, moest ik daar weer aan denken. Het leek me een goed thema, omdat er een gevoel in zit dat iedereen volgens mij herkent. Tegelijkertijd heeft het ook iets geks: ik ben nog best wel jong en het is toch raar dat je kan terugverlangen naar iets wat nog niet eens zo heel lang geleden is. Je verwacht dat eerder bij iemand van zestig.”

”Ik dacht: dit is echt heel raar, waarom doe ik dit?”

 

Hoe ben je daarna met deze ideeën aan het werk gegaan?

”Ik ben onder andere de boeken van Douwe Draaisma over het geheugen gaan lezen. Ik wilde weten hoe herinneringen precies werken. Ik kwam er toen achter dat herinneringen eigenlijk totaal onbetrouwbaar zijn. Je denkt dat je je dingen van vroeger goed herinnert, maar heel vaak zijn het dingen die je op een foto hebt gezien. Dat weet je dan niet meer. Die onbetrouwbaarheid vond ik een heel spannend gegeven. Hiernaast vond ik het interessant hoe mensen zich tot herinneringen verhouden. Er zijn mensen die het verleden heel precies willen reconstrueren en er zijn ook mensen die het verleden wat mooier maken dan het is. Die het proberen te ‘sublimeren’. Dat leek me een mooi uitgangspunt voor de voorstelling.”

De voorstelling wordt gespeeld door Lourens van den Akker en Eelco Venema. Wat was hun inbreng bij het maakproces?

”Van tevoren heb ik veel met de acteurs gesproken over het thema en in de eerste repetitieweek zijn we gaan rondrijden door Friesland naar de plekken van onze jeugd. We gaven elkaar opdrachten en zo leerden we veel over elkaars jeugd en herinneringen. We kwamen er samen op uit dat de voorstelling moest gaan over ‘in het moment’ zijn. Dat je echt ‘in’ een ervaring zit. Dat ervaar je als kind nog heel sterk, omdat je veel dingen voor het eerst doet. Zoals bijvoorbeeld de zee in rennen. Ik herinner me dat nog, de sensatie van al dat water om je lichaam voelen. Dat kun je nu nog wel hebben, maar de intensiteit waarmee je als kind de zon, de zee en een regenbui kon ervaren… Dat heb ik nooit meer zo sterk gehad als in mijn kindertijd.

De voorstelling is gebaseerd op de jeugdherinneringen van de acteurs. Ze hebben door middel van improvisaties en opdrachten het materiaal ingebracht. Ik vroeg ze bijvoorbeeld om iets op te schrijven over alle meisjes uit hun verleden: de eerste zoen, de eerste echte verliefdheid, degene die ze nooit konden krijgen. Daar maakten we dan scènes over. Ze kwamen ook met bepaalde liedjes van vroeger. Eelco kwam bijvoorbeeld met een nummer van BZN en daarbij dacht ik meteen: dat moet er in. Zo heb ik uit al het materiaal een selectie gemaakt van wat ik wilde gebruiken.”

Hoe zou je de stijl van de voorstelling omschrijven?

”Heel gefragmenteerd. Het zijn allemaal korte stukjes na elkaar, zoals een herinnering ook werkt. De acteurs raken vanuit kleine herinneringen in steeds grotere verzeild. Het publiek vindt de voorstelling vaak een beetje ‘cabaret-achtig’, omdat het heel vertellend is. Het is niet alleen een verhaaltje tussen de acteurs. Het mooiste vind ik dat het publiek het uitgiert van het lachen tijdens de voorstelling, maar dat er ook momenten zijn waar ze echt ontroerd raken. Er worden veel herkenbare situaties en herinneringen nagespeeld waar we steeds weer een onverwachte draai aan geven.”

”Als je niet stil staat bij wie je bent, is het ook heel moeilijk

te bepalen hoe je verder wilt in het leven.”

 

Wat zou je met deze voorstelling willen bereiken?

”Het spelplezier van Lourens en Eelco werkt heel aanstekelijk. Via de acteurs wil ik het publiek confronteren met de zintuiglijkheid van hun eigen herinneringen. Ik hoop ruimte te creëren voor de vraag: wie was ik en wie ben ik geworden? We vergeten dat zo makkelijk in de waan van de dag.”

Wat is de waarde van herinneringen voor jou?

”Volgens mij bestaat een mens helemaal uit herinneringen. Je identiteit is opgebouwd uit alles wat er in het verleden gebeurd is, daar maak je zelf een verhaal van. En dat verhaal hebben we heel hard nodig. Als je niet stil staat bij wie je bent en wat je hebt meegemaakt, is het ook heel moeilijk om te bepalen hoe je verder wilt in je leven.”

Tot slot: waarom moeten mensen deze voorstelling gaan zien?

”Omdat de voorstelling over iedereen gaat. Omdat Eelco en Lourens ontwapenend en oergeestig zijn en een geweldige komische timing hebben en tegelijkertijd heel dichtbij komen en kwetsbaar zijn. Omdat de voorstelling een verfrissende vorm heeft en een enorme waaier aan emoties en herinneringen opent. Omdat de muziek mooi is en het decor ingenieus: een weermachine waarmee je allerlei soorten weer kunt maken.”

‘Heimwee nei Hurdegaryp’ speelt op 16 en 17 maart in Stadsschouwburg de Harmonie. Op 16 maart is er een voorprogramma in Neushoorn. Vanavond zit Tatiana in Neushoorn aan tafel bij Stella van Gent en voeren zij een gesprek over heimwee en Tatiana’s roots.