Hongerkinderen > ‘Hier heeft elke naam een verhaal’

In Kunst & Cultuur, Recensie by Marit de Weerd

Door Marit de Weerd

In het Fries Verzetsmuseum is tot en met 31 december 2015 de tentoonstelling Hongerkinderen – de opvang in Friesland te zien. Met Dodenherdenking en Bevrijdingsdag in het vooruitzicht, trokken de expositie en het museum mijn aandacht. Zodoende sta ik op zaterdagmiddag in de hal van het Fries Museum. Ik koop een kaartje en terwijl ik naar de tweede verdieping wandel, verstuur ik wat appjes naar vrienden; nog snel even social media checken en een koffie afspraak plannen. Dan stap ik door de glazen deuren het Verzetsmuseum binnen.

Vacuüm. Een beladen stilte. Oorlog.

Alles waar ik hiervoor mee bezig was, verdwijnt in één tel naar de achtergrond. Op de witte wand voor me een levensgrote zwart-witfoto van een Joods gezin. Er naast staat een gedicht. De eerste regels:

Hier heeft elke naam een verhaal.

Soms kort: een kind van drie,
al vermoord met haar moeder,
en dan de vraag waarom?
Het kind was Joods en dus.’

~ Tiny Mulder

De oorlog dichterbij

Met een haast eerbiedig gevoel stap ik de eerste expositieruimte in. Het licht is gedempt. Aan de eerste wand hangt een grote grimmige wereldkaart van het ‘Deutsches Weltreich’. Er klinkt krakerige marsmuziek die wordt afgewisseld met ingesproken dagboekfragmenten. Stemmen die in korte zinnen een gedachte of beeld met je delen, over het Jodenverbod bij de tennisbaan, of de buren die gedeporteerd worden. Op de centrale wand worden non-stop filmbeelden afgespeeld die aansluiten bij de audiofragmenten.

Langs twee muren loopt een dikke bloedrode lijn met jaartallen van belangrijke gebeurtenissen uit de oorlog, ondersteund door foto’s. Mijn aandacht wordt getrokken door de foto van een jonge vrouw in de binnenstad van Leeuwarden. Ze wordt voortgeduwd door twee agenten op de fiets. Omstanders lachen en wijzen naar haar. Ze blijkt beschuldigd te worden van contacten met Duitse officieren. Opeens realiseer ik me iets wat ik wel wist, maar nooit daadwerkelijk voelde: de oorlog was echt híèr. In Leeuwarden. In de straten waar ik nu winkel, wandel en op stap ga.

Verhaal achter het gezicht

De tweede expositieruimte is al even imposant als de eerste. Hier krijgt de oorlog een gezicht, letterlijk. Vanaf de muur staren zo’n dertig portretfoto’s me aan. Ook de rest van de ruimte is gevuld met foto’s, geplaatst op grote zuilen. Een NSB-burgemeester, een kindje dat thuis moest helpen de onderduikers te beschermen, een verzetsstrijder. Over alle personen is er achtergrondinformatie te bekijken en te beluisteren. Ook deze zaal brengt de oorlog dichterbij, via de mensen die er onderdeel van waren.

De derde zaal is wat mij betreft de meest ‘onpersoonlijke’. Hier liggen tal van voorwerpen die met de oorlog te maken hebben: affiches, kleding, servies. Waar ik me eerst betrokken voelde, merk ik dat ik hier afstand neem. Wellicht dat ook de aankleding van de ruimte, feller licht en veel spullen, hiermee te maken heeft. Het ‘pronkstuk’ van de zaal valt helaas weg in de wat onoverzichtelijke rangschikking van voorwerpen: een muur met daarop tientallen persoonsbewijzen, bijna als een kunstwerk gestileerd.

Hongerkinderen

Dan kom ik uiteindelijk bij de tentoonstelling Hongerkinderen. 70 jaar na de Hongerwinter vertelt het Verzetsmuseum het verhaal van kinderen uit de Randstad die tijdens die winter naar het noorden werden gestuurd. In de grote steden in het westen was er op dat moment amper wat te eten, maar in Friesland was er nog voldoende. Wanhopige ouders besloten hun kinderen daarom per boot, bus of soms zelfs lopend ‘naar de boeren’ te sturen om ze te redden van de hongerdood. Het Fries Verzetsmuseum onderscheidt zich ten opzichte van vergelijkbare tentoonstellingen door niet alleen de verhalen van de hongerkinderen te belichten, maar ook die van de Friese opvanggezinnen.Schermafbeelding (81)

De muren van de expositieruimte verdelen het verhaal van de Hongerkinderen in vijf hoofdstukken: ‘mijn verhaal’, ‘weg van huis’, ‘wennen aan Fryslân’, ‘vrij en weer naar huis’ en ‘een warme band’. Binnen deze hoofdstukken worden diverse middelen ingezet om de situaties van toen naar je toe te brengen. Vooral de interviews – met de ‘hongerkinderen’ van toen (waaronder Paul van Vliet) maar ook met kinderen uit de Friese opvanggezinnen – dragen hier aan bij. Je beleeft het een klein beetje mee: hoe spannend en gevaarlijk de reis naar het noorden was, de taalbarrière van dat ‘gekke’ Fries, het wennen aan een nieuwe gezin of gezinslid, het leren fierljeppen en ‘aai siekjen’.

Ook het boek met briefwisseling tussen twee kinderen uit Rotterdam en hun achtergebleven ouders spreekt tot de verbeelding en biedt een persoonlijk inkijkje in het leven en de normen en waarden van die tijd. De expositie vertelt met aantrekkelijke middelen een compleet verhaal. De nieuwsgierigheid naar mensen en hun ervaringen wordt ruimschoots opgewekt én ingelost: aan het einde van de ruimte krijg je een reeks foto’s te zien van recente herenigingen tussen ‘hongerkinderen’ en kinderen uit de opvanggezinnen. Het is bevredigend om te zien hoe het is afgelopen met de mensen bij wie je je in korte tijd toch betrokken bent gaan voelen.

Het Verzetsmuseum en de expositie Hongerkinderen zijn een aanrader voor jong en oud. Het museum heeft een mooie opzet die veel afwisseling biedt en de bezoeker aanzet tot actief kijken, luisteren en onderzoeken. De oorlog wordt nog dichterbij gebracht dankzij de persoonlijke verhalen achter de foto’s en de namen. Het Fries Verzetsmuseum creëert hiermee een sterke beleving bij een gebeurtenis die het verdient om nog lang herinnerd te worden. Gaat dat zien.


_DSF8661Marit is freelance actrice en theaterdocent vanuit haar eigen bedrijfje ConnActing. Ook in haar vrije tijd is ze graag expressief bezig en leeft ze zich uit in schrijven, schilderen, dansen en diverse yoga-houdingen. Marit heeft een brede culturele interesse en is als blogger op zoek naar de persoonlijke verhalen achter kunst en de kunstenaar.