Het ach en wee van festivalmode

In Column, Inspiratie by Wieke Wiersma

Door Wieke Wiersma

Ik was 14 toen ik voor het eerst naar Lowlands ging. Mijn twee vriendinnen en ik werden gebracht door mijn moeder die toen nog gewoon door mocht lopen naar de camping en ons hielp met het opzetten van de tent. Toen wij even niet goed op hadden gelet, was er een aantal oude punkers met hanenkammen zo groot als een decoratiewaaier uit een Chinees restaurant, die meenden meer recht op onze kampeerplaats te hebben. Daar was ik van onder de indruk. Ik vond punkers wel een beetje spannend, net als de hond die ze meenamen – op de een of andere manier ALTIJD een Husky of Herder -, maar mijn moeder totaal niet terwijl ze even een territoriaal puntje maakte.  De punkers dropen af en ik voelde een soort trots die zeldzaam was, qua combinatie puber en moeder. Mijn mem had hele grote mannen weggejaagd. Mijn moeder gaf ons nog wat tips als: eet je appels op, niet alleen dronken naar je tent lopen, houdt je slippers aan tijdens het douchen en ga nooit met vreemde mannen mee. Heel wijs allemaal.

Ik heb werkelijk geen idee meer wat ik aanhad. Ik vermoed een flanellen overhemd, want volgens mij was dat het enige acceptabele in die Grunge periode, met een spijkerbroek en Vans, ofzo. Het was allemaal niet zo spectaculair. En omdat het leven toch een aaneenschakeling van soberheid was (weer die Grunge), maakte ik me daar ook niet zo druk om. Ik kocht aldaar een Lowlands T-shirt en droeg dat het hele jaar door.  Tot er weer een nieuwe editie kwam.  Nou. Daar kom je dus tegenwoordig niet meer mee weg.

Inmiddels is ‘festivalmode’ een waar begrip geworden.  Zoek maar eens op Pinterest; de veren, sandaaltjes en bloemenkransen vliegen je om de oren. De H&M bracht dit jaar zelfs een festivallijn uit, vernoemd naar het, volgens hen, coolste festival: de Coachella collectie. Vooral franjes, shorts en gehaakte items. En flanellen overhemden. Ben ik met terugwerkende kracht dus toch nog een beetje cool. Er zijn ook armbandjes, tassen en shirts waar allemaal Coachella op gedrukt staat. Misschien ligt het aan mij, maar ik vind het helemaal niks. Het festival beschreven als een plek, waar je weg van thuis, even helemaal jezelf kunt zijn.  En daarom moeten we allemaal hetzelfde aan met de naam van een feest waar we dus helemaal niet zijn. Stom. Maar het maakte mij wel extra nieuwsgierig naar wat de bezoekers van het prachtige Welcome to the Village dragen.9070094_katemoss-style

Nou. Toch heel veel korte broekjes (zullen we een regel opstellen die ongeveer zo luidt: hoe ouder hoe langer het broekje?). Met gekleurde regenlaarsjes eronder op zondag.  Nu, Kate Moss wordt ieder jaar op Glastonbury gefotografeerd en daarna staat internet vol met wat Kate en haar vriendinnen dragen. Want Kate ziet er altijd cool uit, duidelijk beschonken feestvierend in Hunter regenlaarzen en hotpants. En dan denk je: da’s vast leuk voor mij. En dat is het dus vaak niet. Want Kate ziet er nog super uit op de foto waar ze al coke snuivend wordt betrapt terwijl de oppas van haar dochter in een delirium naast haar ligt. Voor de meeste stervelingen is dat niet weggelegd.  En als je de foto’s van jezelf dan terug ziet kun je daar misschien wel sneu van worden. Best killing voor de napret en je zelfvertrouwen. Dus hier is de eerste van Wieke’s Waanzinnige Festivaltips: Bij de kwestie hotpants, croptops of iets anders heel bloots; zorg ervoor dat het je totaal niet kan schelen wat de goegemeente van je met zorg samengestelde outfit vindt of vraag een eerlijke vriendin die je wijst op piepende bilrand, of rugspek, ofzo. Geen Hunter regenlaarzen en waarom zou je ook, met de Hema vlakbij.

festivalmode2

[Door Marthe Vroegop]

Goed. En wat droegen de dames verder op WTTV? Heel veel hoedjes, armbandjes en gehaakte vestjes. En veel lange jurken en rokken. Eigenlijk heel gezellig allemaal. En erg festival, maar ook een beetje saai. Het moment dat ik eigenlijk geen man met knotje en/of baard of iemand met madeliefjes in het haar meer kon zien, was daar de frontman van de fenomenale band Goddamn. Die droeg een zwarte spijkerbroek en op zijn T-shirt stond: Angry Lennon. Wat een verademing. Na al dat semi-hippie ‘War is over’ gedoe moeten we gewoon ook even benoemen dat iedereen helemaal niet zo vredelievend is, want ik zag jullie echt wel dringen bij de damestoiletten en de hamburgers van de ‘Burning Baarch’.  Over die toiletten; hierrrrr is tip 2: zorg voor een perskaart. Dan mag je overal plassen. Of je kunt in ieder geval doen alsof.  Zo riep vriendin H, terwijl ze middernachtelijk bij Jungle by Night al plassend door de beveiliging uit de brandnetels werd geplukt: ‘maar we zijn van de pers!’ Komen we ook meteen bij tip 3: lange rokken en jurken zijn niet alleen leuk qua festivalgevoel, ze zijn ideaal bij illegale waterlating, want je zit niet meteen met je dikke witte billen in de straal van de zaklampen (ik heb het nu over mijn billen, niet die van H, die zijn klein en altijd zongebruind) en als je ergens in het gras zit kun je rustig bier drinken zonder dat je van alles laat zien waar niemand voor heeft betaald.

Toen H en ik zaterdagnacht terug naar huis wilden en op onze manier de bus niet konden vinden besloten we te liften. Leek een goed plan. Tot de chauffeur de deuren op slot deed en nagenoeg niets tegen ons zei. Toen hij wel een hele alternatieve route nam en wij lichtelijk in paniek raakten piepte ik: ‘u vermoordt ons toch niet he? We zijn moeders!’  Na wat getrek aan deuren stonden we uiteindelijk op het station waar we bijna plat werden gereden door de bus waarvan wij meenden dat die heus niet meer ging. Dat zou dus de meest zinloze dood ooit zijn geweest. En daarom dames, neem het van me aan, tip 4: luister altijd naar je moeder: Eet je appel op. En ga nooit met vreemde mannen mee.