December blues: het Noodzakelijke van een Kersttrui

In Column, Inspiratie by Wieke WiersmaLeave a Comment

Wanneer de dagen korter worden en de nachten langer, is het voor sommigen best een uitdaging om zich vrolijk te blijven voelen. Ik ben momenteel aan de lijn en wanneer je honger hebt en het zo koud is dat je zit te wachten tot ze bij DWDD gaan beginnen over de Elfstedentocht, is de neiging om met een broodrooster in bad te gaan zitten best wel groot. Vermoedelijk is de reden dat december een feestmaand is ook puur en alleen om enigszins beneveld van de glühwein deze koude dagen wat door te komen.

Ieder jaar weer sta je daar, in een met nepsneeuw versierde kroeg, tussen de rode crêpepapieren slingers mee te zingen op Band Aid. Overigens heb ik pas laatst ontdekt dat Do they know it’s Christmas een heel fout liedje is. Want ergens halverwege moeten we met zijn allen God Thanken dat zij creperen in Afrika en wij niet. Dat kan er dus ook nog wel bij. Ben je blij dat je de Zwarte Pieten discussie enigszins wist te ontwijken (nee, jullie zijn allemaal helemaal gek geworden. ALLEMAAL!), blijk je toch weer een maatschappelijke teleurstelling te zijn omdat je dus iets Europees’ superieurs hebt gezongen. Ofzo. Ik heb overigens jarenlang ‘Free the world’ gezongen. Als kind van de jaren ’80 met Berlijnse muren en Russen die binnen zullen vallen had dat best gekund. Maar het is dus ‘Feed the world’. Echt. Ik wist het niet. Maar ik leef momenteel helemaal mee met die tekst.

Overigens zijn die kerstvideoclips ook een goed moment om de cyclus van de mode te doorgronden. Vond ik jarenlang de broche die George Michael aan zijn geliefde gaf in Last Christmas afschuwelijk en dacht ik dat zo’n cadeau alleen genoeg reden was om het met die andere gast aan te leggen, nu wil ik hem dolgraag. Die broche dan. Niet Michael.

Ik was afgelopen zaterdag voor het eerst enigszins onder de mensen, in de Harmonie, waar ik binnen een uur een lamp op me kreeg. Nu werd ik geschampt en was ik zo stomverbaasd dat ik vooral een hele poos onnozel omhoog heb gekeken. U hoeft dus niet te schrikken: het valt mee. Ik stond achter het podium, dus niemand zag het. Dat was wellicht maar goed ook. In ieder geval blijf ik nu helemaal maar eventjes binnen en stort ik me op hétgeen waar kou en melancholie bij elkaar passen zoals George Michael en een wc-hokje: kostuumdrama’s.

“Geen idee waarom, maar armoede en de constante dreiging van cholera vrolijken mij op.”

Nu heb ik alles tussen Jane Austen (O Mister Darcy!) en de gezusters Brontë ongeveer stukgelezen maar ik ken ook alle verfilmingen uit mijn hoofd. Nouja, ongeveer. Altijd als ik dit soort dingen zeg gaan mensen mij onverwachts in de Hema overhoren. Dat kan ik er nu niet bij hebben. Voor je het weet begin ik getraumatiseerd Free the World te zingen. Ik bedoel Feed. Ik bedoel. Nouja, ik bedoel dat tenzij u mij een rookworst aanbiedt, ik nergens antwoord op geef.

Wat ik nou eigenlijk zeggen wil: zodra ik een eerste beeld zie van heuvels, mist en rond rennende dienstmeisjes ben ik heul erg blij. Geen idee waarom, maar armoede en de constante dreiging van cholera vrolijken mij op. Het is een soort extra dimensie: hebben ze elkaar ondanks alle verschillen in afkomst en rijkdom eindelijk gevonden, na getroebleerde gesprekken en idiote moeders en dansjes op feesten (O Mister Darcy!), kan er elk moment iemand omwippen na een aanval van de tyfus, ofzo. Afschuwelijk. Alles voor niks. Nouja, in Wuthering Heights gaat men dan in geestverschijningen op elkaars raam kloppen. Maar meestal is de dood wel lastig.

De misvatting dat mannen die zich gedragen als horken eigenlijk romantische zielen zijn, en dat alles vanzelf goed komt als je maar geduldig blijft afwachten, komt ook uit deze verhalen. Dat weet ik zeker. Er is ook een modernere versie van de kostuumdrama’s maar met hetzelfde effect: Bridget Jones.

darcy

Al vind ik het bespottelijk dat Bridget Jones door moet gaan voor een dikke vrouw met haar zestig kilo. Flikker alsjeblieft gewoon even op. Maar ook hier een Mister Darcy. Deze is al een pagina of honderd eerder een snoes dan zijn alter ego twee eeuwen daarvoor. Je bent eigenlijk al verliefd op hem wanneer ze hem beschrijft in een gebreide trui van zijn moeder.

Deze twee Mister Darcy’s zijn verantwoordelijk voor de absolute noodzakelijkheden deze decembermaand: een kersttrui en iets met een ruitje. Het allerliefste zou ik een trui willenmet lichtjes. Dat je een rendier met een lichtgevende neus hebt, ofzo. Maar een mens moet ook wat te dromen hebben, nietwaar? De mooiste zijn van Stella McCartney. Ook duur. Al kun je dat voor jezelf wel goedpraten door te beginnen over haar ecologische diervriendelijke producten. Trapt de Nuon echter niet in dit budgetverhaal dan zou ik kiezen voor de Hennes. Die heeft ze tussen de 20 en 30 piek!

Ruitjes zijn ontzettend leuk. Heel hip vooral. Je kunt er alle kanten mee op. Malene Birger heeft een heel mooi houthakkersblousje met mooie steentjes – dat kun jezelf ook heel goed namaken. Even naar dat naai/brei winkeltje op de Voorstreek-. Een rok of jas in een ruitmotief is heel erg Dolce&Gabbana. Dat kun je er ook nuffig bij zeggen als je een compliment krijgt. Mooi aan ruiten is dat ze vaak heel kleurrijk zijn. En dat is fijn in de donkere maanden, Mijn vriendin Y vraagt zich af waarom winterkleuren zo donker zijn als het toch ook al donker buiten is. Dat is eigenlijk best een goede vraag. Daarnaast waan je je toch al gauw een beetje Lady of the Manor in een goede ruit.

Een mens kan niet neerslachtig blijven met een kersttrui. En indien wel, dan hoef je helemaal niet op zoek naar een broodrooster. Dan heb je alleen maar je arreslee-met-flikkerende-lichtjes-kersttrui nodig als je in bad stapt. Scheelt werk. O, en die ruitjes, daar heb je zelfs dekbedovertrekken van. Heel hip in bed blijven. Best een goed plan met die kou!

WIEKE WIERSMA