Een zondag zonder wc-papier

In Column, Gastblog by Gastschrijver

Door Alwin Sinnema

Blikken Amstel bier staan schots en scheef tentoongesteld op het keukenblad. Kleerstukken liggen verslingerd over de vloer, en als ik in de prullenbak kijk zie ik meer as, dan dat er nog over was van het platgebrande Ajax-clubhuis een jaar geleden. Er is hier een complete longinhoud uitgepaft en zo ruikt het hier ook. Al kan het mij nu even geen fuck schelen.

Het is zondag en ik heb zowaar tijd om na te denken over wat ik vandaag ga doen en ik kan je zeggen, dat is best lang geleden. Verschillende ideeën duiken op in m’n hoofd. Zo denk ik eraan om naar De Hortus Botanicus te gaan, beter bekend als de Botanische Tuin hier in Amsterdam. Lekker naar planten kijken, heerlijk toch? Al geloof ik eigenlijk dat de beste ideeën ontstaan als je er juist niet mee bezig bent. Zo besefte een jongen in Leeuwarden, tijdens de dagelijkse stoelgang, dat hij zo veel schijt had aan bepaalde instanties, dat hij ze moest afdrukken op flinke rollen wc-papier. Het treurige is echter dat deze man nu opgescheept zit met meer schijtpapier dan papiergeld: het gevolg van het feit dat hij zijn onderneming nou niet bepaald op rolletjes had.

Het schijnt allemaal de schuld te zijn van de prefrontale cortex, ook wel het controlecentrum van onze bovenkamer genoemd. Je kunt het vergelijken met een supersnel glasvezelnetwerk dat verbonden is met andere hersendelen, die ons selectief bewust maken van informatie die opgeslagen en verwerkt wordt. Dat betekent dat zinloze informatie, maar ook te gekke ideeën, worden uitgefilterd. De prefrontale cortex houdt zich namelijk vooral bezig met de zaken, die voor ons al bekend zijn.

Ik weet nog goed dat mijn oude buurman in Leeuwarden tegen mij zei: “Vermijd de comfortzone, ga juist de dingen doen die je niet voor mogelijk houdt, want alleen dan groei je.” Daarom besloot ik drie maanden geleden Leeuwarden te verlaten. Ik kreeg namelijk de kans om stage te lopen bij een wereldwijd bekend mediabedrijf, in het grote Amsterdam. En ook al was het een flinke stap, niks hield mij niet tegen. Ook niet dat ik geen zomervakantie zou hebben en binnen een maand een kamer moest vinden, in een stad die zo geliefd is dat mensen genoegen nemen met een kamer van zeven vierkante meter. En dat dan tegen betaling van een maandloon.

Inmiddels ben ik hier helemaal gesetteld, en raak steeds meer gewend aan de hoofdstedelijke flow. Creativiteit behoort hier tot de dagelijkse routine. Zo verleg ik mijn gedachtegang continu en ontmoet daarnaast veel nieuwe mensen met een andere kijk op het leven. Ik denk er nu al over na of ik hier zal blijven wonen na mijn stage of toch terugkeer naar Leeuwarden: een stad die nog steeds met de vraag zit hoe het toch komt dat zo veel jongeren, eenmaal afgestudeerd, hun geluk ergens anders beproeven. Dit omdat Leeuwarden flink vastzit in oude patronen, zoals mensen die altijd hetzelfde wc-papier kopen. Dan denk ik: koop eens niet die biologische, schurende velletjes, maar veeg je reet eens af met zijdezachte donsdoekjes. Of bestel een lading met CJIB-bedrukte rollen.