Een brief aan Zaid, die in Syrië achterbleef

In Column by Raymond MullerLeave a Comment

Afgelopen week vierden wij onze vrijheid. Een jongen die ik ken, Jameel, vluchtte uit Syrië naar Nederland. Zaid Asadi, een van zijn beste vrienden bleef in Syrië. Een paar weken geleden werd hij doodgeschoten. Hieronder is de brief die Jameel aan zijn vriend schrijft. Met de vraag of wij hem wilden publiceren. Op de foto zien we Zaid tijdens een met vrienden opgezet project ”mannen van morgen: glimlach om glimlach”. Een project waarin zij soldaten van alle partijen aanspraken om vrede te ‘regelen’, op soldaten niveau (van onderaf, zouden wij zeggen) in plaats van op politiek/leiders niveau. Ze probeerden van mens tot mens, soldaat tot soldaat, ongeacht partij, te vertellen tegen wie zij vochten en de vaak analfabetische soldaten uitleg van het hele conflict te geven. Een aantal soldaten legden daadwerkelijk de wapens neer.

Voor hem

Voor hem, wie met mij niet mee mocht.

Daar gaat de laatste, met wie ik afscheid nam, en een belofte maakte om terug te gaan op een kleine straat, met weinig hoop, weinig naïviteit, weinig humaniteit, weinig overlevenden.

Ik heb jouw hand gelezen, ik voorspelde jouw toekomst. Ik zag duidelijke korte lijnen, twee kruisen, een zichtbare einde. Eén kruis van het verleden. Jouw verkrachte bruid die jou levenloos liet. De andere kruis daar dichtbij, twee of drie lijnen verderop, waar het mis zal gaan. Mijn vertrek, jij dat niet wetend, ook niet twee uur van tevoren, wanneer ik jouw hand las. Een dunne korte lijn, heel eenzaam, heel treurig, die eindigt heel snel. Het kan niet jouw noodlot zijn, dacht ik, na het tweede kruis, deze dunne korte lijn, de eenzaamheid, de treur, het komt heel snel tot een einde.

Ik zie daarna niks, zei ik, dit is vrede, heel duidelijk, heel onderzocht; jij kunt er van maken wat je wilt. Ik kuste jouw handje. Jij voelde mijn afwezigheid toen ik vertrok.

Voor hem, wie met mij niet mee mocht.

Ik schrijf met uitgestorven blijheid, gebroken rug, een verdwenen hoop, een gemiste bruiloft.
Vandaag vindt jouw bruiloft met de aarde plaats, zonder mij, in dat land, waar dood zich verspreidt als een plaag, waar Gods macht niet meer van toepassing is en waar hoop verdwijnt. Zij tillen jou heel hoog op op hun schouders, wiegelend, juichend, voor jou, onder jou, zonder mij en jou. Haast niet om zijn lijf te graven, struikel je met mijn ziel, of de echo van zijn lach.

Voor hem, wie met mij niet mee mocht.

Ik leef een gek leven, ik hoopte dat je het kon zien, ik schrijf veel voor jou maar je weet dat iedere keer mijn ziel bloedt. Ik accepteer je zoals je bent, eeuwenlang levend, nee ik heb hun waarheid niet nodig.

Zij, die jou probeerden neer te schieten maar je weigerde om te sterven. Zij gaven jou engelvleugels maar jij weigerde om te vliegen. Jij wou liever in die hel blijven, jouw tijd in die gevangenis nemen. Zij straften een man die zich nooit zou verkopen. Een vogel die nooit vloog zodat hij begrijpt hoe wij leven. Laat hun mij beschuldigen voor het houden en het missen van een strafregister hebber.

Voor hem schrijf ik dit.

Wie ik weigerde met mij mee te nemen. Hij, zijn moedershoop, is de hoop die mijn uitgestelde teleurstelling werd.

De kranten en de radio gaan niet om jou rouwen, de schrijvers haasten zich niet om jouw biografie te horen, binnenkort zijn de laatste getuigen voorbij, de laatste vergeten vertellers. Zij die jou kenden als een wild paard dat nergens aan vast zit, dat van de wind een huis neemt en de menselijkheid een pad.

Wie schrijft de biografie van hen, die geen grafie hebben in boeken.

Zij die zichzelf in stukken hakten om in anderen te planten, die diepe verschillen veroorzaakten tussen degenen die naar anderen wijzen, maar niet naar zichzelf.

Voor hem schrijf ik dit, ondanks mijn gesneden stembanden.

Ik ben hier, broer, je hoeft niet te stikken, adem haar rustig uit, jouw ziel, zonder angst, stress of pijn, dat is het enige wat de mens kan doen wanneer zijn lijf hem teleurstelt, zijn noodlot nadert.

You only live once, zei jij. You only die once, zeg ik.

Jij hoeft ook niet met de waarheid te stikken, over de gestorvenen, de oorlogsmisdadigers, zij die zichzelf overlevers noemen, zij zijn allang dood, maar niet jij. Jij rust in zaligheid, jij rust in vrede, jij rust in mijn hart.

Peace upon your soul.

Jouw beste vriend,

Jameel Shaheen.