Allemaal Taal

In Column, Theater by Marit de Weerd

Door Marit de Weerd

Opgegroeid in een links modaal gezin, waar de leus: ‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg’ regelmatig klonk en veel oog was voor sociaal onrecht, had ik niet gedacht mij ooit elitair te zullen voelen. Maar sinds ik bezig ben met een theatervoorstelling over het thema laaggeletterdheid heeft mijn zelfbeeld van best wel ‘toegankelijke’ vrouw een enorme knauw gekregen.

Project: Heldere Taal

De voorstelling die ik, samen met mijn collega Onno Spreij, maak is onderdeel van het project ‘Heldere Taal’ Dit project is door de Bibliotheek in samenwerking met schoonmaakbedrijf NIVO Noord opgezet. Het doel van dit project is om medewerkers van het schoonmaakbedrijf te stimuleren om hun taalproblemen aan te pakken. Het gaat hier niet om de ‘d’s en t’s’ verkeerd schrijven, maar mensen die al hun hele leven bijna niet kunnen lezen en schrijven en dit (vaak) verbergen voor de buitenwereld.

‘Ik snap wel wat hij zegt, maar van haar snap ik helemaal niks’

Afgelopen voorjaar gingen mijn collega en ik voor het eerst in gesprek met een laaggeletterde mevrouw om van haar te horen waar zij tegenaan loopt in het dagelijks leven. We lieten een promotiefilmpje zien dat we hadden gemaakt voor onze theatervoorstelling waarin we medewerkers van NIVO Noord uitnodigen om verhalen te delen over ‘problemen met taal’. Ikzelf was zeer content over mijn eigen aandeel hierin, ik vond dat mijn verhaal goed overkwam. Het eerste wat de mevrouw zei toen het filmpje afgelopen was: ‘Ik snap wel wat hij zegt, maar van haar snap ik helemaal niks’ Au. Blijkbaar was mijn taal toch niet zo goed afgestemd op onze doelgroep als ik zelf dacht.

books-1841116_1280

Communicatieve angst

Vanaf dat moment draaide er bij elk volgend gesprek dat we voor dit project voerden een soort ‘spellingscontrole’ mee: wat bedoel ik eigenlijk? Zijn mijn woorden duidelijk genoeg? Is dit blabla-praat of zèg ik echt iets? Ik ontdekte dat mijn taal vol vanzelfsprekendheden zat waarvan ik automatisch dacht dat iedereen ze begreep. En dat ik met veel woorden soms heel weinig zei. Deze bewustwording hakte er nogal in. Zó erg dat ik tijdens volgende bijeenkomsten liever mijn collega het woord liet doen. Ik durfde niks te zeggen omdat ik bang was dat ik niet begrepen zou worden. Ironisch genoeg is zo’n ‘communicatieve angst’ precies wat een laaggeletterde ook vaak ontwikkelt.

Contact maken met mensen

Inmiddels zijn we een half jaar verder en klets ik iedereen weer de oren van de kop. We repeteren sinds een paar weken elke woensdag in Neushoorn met een enthousiast groepje spelers bestaande uit schoonmakers, laaggeletterden en studenten van de Taalklas van het Friesland College. We hebben een mooie tijd met elkaar en het toneelstuk krijgt langzaam vorm. Nadenken over mijn ‘taal’ doe ik niet meer. De oplossing was eigenlijk heel simpel: sinds ik me richt op contact maken met de mensen om wie het gaat, volgen de goede woorden vanzelf en komt mijn boodschap altijd over. Minder bezig zijn met jezelf, maar meer met degene tegenover je. Als diverse politici, bedrijven en overheidsinstanties in ons land deze simpele communicatietechniek nou ook eens zouden toepassen in hun geschreven én gesproken woord, dan waren daar heel wat mensen mee geholpen. En niet alleen de laaggeletterden…